Slaaptraining bij je kindje

Dankzij slaaptraining kunnen jij, je partner én je kindje weer genieten van ongestoorde en hopelijk langere nachten, maar hoe pak je dat aan?

Slapeloze nachten, een complete “bed overname” of op je vrije dag al om 5.00 uur een stuiterende dreumes naast je bed hebben is niet bepaald ideaal te noemen. Toch smelt je weg bij het krijgen van die natte kusjes en lach je wanneer je gezicht hardhandig, maar met veel liefde wordt vastgegrepen of je lichaam als klimrots wordt gebruikt.

Wat is slaaptraining?

Slaaptraining is het proces dat wordt gebruikt om je baby te helpen bij het inslapen en leren doorslapen. Volwassenen hebben een 24-uurs ritme. Baby’s hebben dit niet. Ze hebben moeite met het vinden van een eigen ritme. Hier kom jij als mama en papa goed van pas.

Vanaf wanneer kan je beginnen met slaaptraining?

Bij baby’s van 0-3 maanden heeft het weinig zin om een slaapritme erin proberen te krijgen. Kleine baby’s eten nog elke paar uur, dus doorslapen is nog niet echt nodig. Naarmate je baby’tje ouder wordt (ongeveer vanaf 6 weken) kun je wel vaste slaapjes in het dag ritueel proberen te krijgen. Dit is het begin van een vaste slaaproutine.

Vanaf ongeveer 4-6 maanden en ouder kan je effectief slaaptraining bij je kindje inzetten. Vanaf deze leeftijd zouden baby’s 's nachts tot 12 uur achter elkaar moeten kunnen slapen.

Onderstaand schema (bron: Wij) is een richtlijn van het aantal wakkere uren en slaapjes van een baby van 0-18 maanden.

Leeftijd Uren slaap Slaapjes 's Nachts Wakkertijd
0-2 wkn 14-18 uur aan en af ca. 10 uur 45 min
2-6 wkn 14-16 uur 4-8 ca. 10 uur 60 min
6-12 wkn 14-16 uur 4-6 10 60-90 min
3-6 mnd 14-15 uur 3-4 10 90 min
6-8 mnd 14-15 uur 2-3 11 90-150 min
8-12 mnd 14-15 2 11 120-180 min
12 mnd 14 1-2 11 120-180 min
18 mnd 13,5 1-2 11 180-240 min

 

Slaaptraining methodes

Er zijn verschillende manieren om slaaptraining bij je kindje in te zetten, maar er is een belangrijke ‘regel’ die je kan toepassen om het jezelf en je kindje zo makkelijk mogelijk te maken. Dat zijn de 3 R’s. Deze staan voor Rust, Ritme en Reinheid.

Rust

Genoeg rust krijgen voor een baby is vaak lastig. We leven allemaal snel en gehaast en een baby moet daaraan wennen. De ene baby kan deze prikkels makkelijker verwerken dan de andere. Bij het naar bed gaan is dat dan duidelijk te merken omdat ze dan slechter in slaap vallen. Rust is dus een belangrijk onderdeel van het slaapritueel.

Bij baby’s die nog niet kunnen rollen, kan inbakeren uitkomst bieden. Het geeft je kindje een geborgen gevoel en hierdoor kan het rustiger in slaap vallen.

Regelmaat

Breng regelmaat in het dagritme van je kindje, zodat het voorspelbaar wordt. Op deze manier krijgt je kindje een vertrouwd gevoel bij verschillende handelingen en dus ook bij het naar bed gaan. Het kan natuurlijk zo zijn dat je een keer af moet wijken van je regelmaat, maar probeer het weer zo snel mogelijk op te pakken als je die mogelijkheid krijgt.

Onderstaande stappen zijn een voorbeeld van een vast ritueel dat je kan gebruiken bij het naar bed brengen van je kindje. Hierdoor kan je kleine ook sneller en rustiger in slaap door vallen. Laat je niet foppen door het enthousiasme van je kind, maar probeer de rust altijd te bewaren.

  • Afscheid nemen: Laat je kindje gedag zeggen tegen alle aanwezige (gezinsleden) in huis. Stel hierbij wel grenzen en maak ze op een rustige manier duidelijk.
  • In bad of douchen: Veel kindjes gaan nog even in bad of onder de douche voordat ze naar bed gaan. Door het warme water raakt je kindje vaak al ontspannen. Als je kind te enthousiast wordt van deze stap, is het wijs om dit niet bij het slaapritueel te betrekken. Was je kindje dan met een washandje en trek daarna een een pyjama of slaapzakje aan.
  • Tandjes poetsen: Geef je kindje zelf de kans om zijn of haar tandjes te poetsen en doe het daarna zelf ook nog even. Het is belangrijk dat je je kindje hier al zo vroeg mogelijk bij betrekt.
  • Voorlezen: Favoriet bij veel kindjes. Behalve dat kinderen dit erg leuk vinden, is het ook goed voor de ontwikkeling van de woordenschat. Laat je kindje zelf een boek uitkiezen, zodat het lijkt dat het de controle heeft en niet opstandig wordt als het bedtijd is.
  • Welterusten: Nu is het tijd om echt te gaan slapen. Stop je kindje lekker in, geef hem of haar een aai over de bol en een kus. Doe de lichten uit en zeg dan Welterusten. Op deze manier heeft je kindje door dat je er ook nog bent in het donker. Laat gewenst een nachtlampje aan.

Reinheid

Hygiëne is ook erg belangrijk. Niet alleen voor je baby, maar dat geldt voor het hele huis en alle aanwezige gezinsleden.

Elk kindje is natuurlijk anders en heeft een andere aanpak nodig wat betreft slaaptraining. Als ouder ken jij je kindje het beste en kan jij waarschijnlijk wel goed inschatten wat wel of niet zou kunnen werken.

Gecontroleerd huilen

Deze methode klinkt niet erg uitnodigend, maar kan het proberen zeker waard zijn. Bij gecontroleerd huilen laat je je baby zichzelf troosten. Vanaf 4-6 maanden kan je deze slaaptraining uitproberen.

Hoe werkt het?

  • Ga volgens je normale slaaproutine te werk en leg je kindje in bed.
  • Loop de kamer uit en wacht in een andere kamer.
  • Huilt je baby nadat je weg bent gegaan? Wacht 5 minuten. Huilt je baby dan nog? Ga dan terug en stel je kindje gerust met je stem. Oppakken is niet nodig.
  • Is je baby weer stil? Loop weer weg en wacht 10 minuten. Begint je baby daarna te huilen? Ga weer terug en stel hem of haar zachtjes gerust.

Bouw de tijd tussen weggaan en terugkomen langzaam op, maar wel zo dat je het gehuil kan aanhoren of er moet echt iets zijn natuurlijk.

Door dit te oefenen zal je baby leren dat het ook zonder jouw gewieg of knuffel in slaap kan vallen. Meestal duurt het 2-3 weken voordat deze methode echt werkt.

 

Dichtbij blijven

Vanaf een maand 8-9 kan je kindje last krijgen van verlatingsangst. Deze methode van slaaptraining kan erbij helpen je kindje te laten wennen aan de afstand tussen jullie.

Hoe werkt het?

  • Ga volgens je normale slaaproutine te werk en leg je kindje in bed, maar blijf dichtbij en stel je baby gerust door zacht te praten.
  • Lukt het in slaap vallen niet? Pak hem of haar op, maar zorg dat je kindje niet in je armen in slaap valt.
  • Leg je kindje terug en herhaal de eerste stap tot het rustig is.
  • Als je kindje rustig is houd dan wat meer afstand door bijvoorbeeld een stoel te pakken. Wacht tot je kindje in slaap valt.
  • Neem voorzichtig steeds meer afstand van je baby, zodat die daaraan kan wennen.
  • Gaat dit goed? Loop de kamer uit.
  • De komende tijd kan je de afstand tussen jullie steeds verder opbouwen.

Bij deze methode kan je je kindje nog troosten als dat nodig is. Als je dit volhoudt, zal je merken dat je kindje steeds makkelijker zonder jouw aanwezigheid in slaap valt.

 

Slaaptrainers

Slaaptrainers zijn middelen die baby’s helpen beter te leren slapen volgens ‘volwassenen’ tijden.

Een slaaptrainer helpt je baby te weten wanneer het tijd is om te gaan slapen wanneer ze op mogen staan. Baby’s hebben alleen het besef van slapen als ze hun oogjes dicht doen. Gaan de oogjes open? Dan is het tijd om de dag te beginnen. Ogen dicht is slapen.

Een slaaptrainer is een kindvriendelijke klok/wekker die geschikt is voor kindjes die het verschil snappen tussen oogjes open (wakker) en oogjes dicht (slapen). Meestal is dit bij peuters vanaf 2,5 jaar. Slaaptrainers komen vaak in de vorm van leuke dieren of figuren die hun ogen open en dicht kunnen doen.

Wanneer dat besef bij je kindje er ook is, kan het de link leren leggen tussen wakker worden (opstaan) en slapen en kan je je kindje aanleren om op zondagochtend nog even lekker in bed te blijven liggen of in zijn of haar kamer te spelen als papa en mama nog lekker liggen te slapen. Een leuke, leerzame manier van klok leren kijken, want de meeste van deze slaaptrainers hebben zowel een analoge als digitale klok.

Donker en licht, winter en zomer

In de zomer kan het verschil tussen wakker worden en bedtijd misschien verwarrend werken voor je kindje, omdat het langer licht is. Als het hier last van heeft zijn er ook mogelijkheden om het in de kamer extra donker te maken met behulp van verduisterende gordijnen.

Vooral hierbij geldt, wijk niet af van het normale ritme, omdat het nog niet donker is en je kindje dus denkt dat het nog lang geen bedtijd is.

 

Met deze tips hopen we dat je die “Slaapt je kindje nou nog niet door?” vragen en de “Die van ons liet ons al met 2 maanden uitslapen” of "We hebben ze aangeleerd dat ze op de kamer moeten blijven totdat we ze roepen" opmerkingen niet meer in de gesprekken op het schoolplein voor hoeven te komen.